Home » IUCN NL als Platform » Werkgroepen » Ecologie en Ontwikkeling » Beleidsprogramma Biodiversiteit
 

Beleidsprogramma Biodiversiteit

Het Beleidsprogramma Biodiversiteit 2008- 2011 “Biodiversiteit werkt: voor natuur, voor mensen, voor altijd” is op 14 maart 2008 door de Minister van LNV, VROM en OS aangeboden aan de Tweede Kamer, mede namens de Ministers van EZ, OC&W, V&W en Defensie.

 

Het beleidsprogramma komt voort uit het voorgaande Beleidsprogramma Biodiversiteit Internationaal (BBI) en het nationale beleid voor biodiversiteit, en stelt prioriteiten voor het biodiversiteitsbeleid van de komende vier jaar. Het beleid stimuleert de samenwerking tussen bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties, overheden en burgers voor het behoud en duurzaam gebruik van de biodiversiteit op aarde.

In 1994 heeft Nederland het Biodiversiteitsverdrag (CBD) geratificeerd. Het nationale biodiversiteitsbeleid staat in verschillende beleidsprogramma’s en wetgeving uitgewerkt en wordt door verschillende departementen uitgevoerd. Het beleidsprogramma voor biodiversiteit heeft in het bijzonder tot doelstelling de coherentie tussen de departementen te verhogen, waarbij de aandacht uitgaat naar een vijftal inhoudelijke prioriteiten:

1. Handelsketens en biodiversiteit,
2. Betalen voor biodiversiteit,
3. Biodiversiteit werkt,
4. Ecologische netwerken,
5. Mariene biodiversiteit en visserijketens.

Daarnaast heeft het kabinet gekozen voor drie prioriteiten die ondersteuning bieden aan deze prioriteiten, waaronder het vormen van nieuwe coalities, kennis en communicatie voor biodiversiteit en functies en waarden van biodiversiteit voor mensen.

Het Beleidsprogramma Biodiversiteit Internationaal (BBI) (2002 - 2006) was het resultaat van een jarenlang overleg tussen ministeries, maatschappelijke groeperingen en het bedrijfsleven. Het BBI vormde het eerste gezamenlijke programma van de ministeries BZ, VROM, LNV, EZ, OC&W en V&W inzake het internationale biodiversiteitsbeleid van Nederland. Het BBI bundelde bestaand biodiversiteitsbeleid van voornoemde zes ministeries, en zette de doelen die Nederland zich gesteld heeft op het gebied van biodiversiteit (onder andere voortkomend uit het Verdrag inzake Biologische Diversiteit) om in actiepunten voor de periode 2002-2006. Het BBI stelde de volgende drie programmaonderdelen als prioriteit:

1. Versterken van beschermde gebieden, bufferzones en andere elementen van ecologische netwerken,
2. Verduurzamen van het gebruik van biodiversiteit,
3. Verminderen van negatieve effecten van Nederlands handelen op de biodiversiteit in het buitenland.

 

De WEO heeft het Beleidsprogramma Biodiversiteit Internationaal vanaf het begin gevolgd en droeg actief bij aan inspraak en consultatieronden. De werkgroep koos ervoor om de uitvoering van het BBI zelf te evalueren, parallel aan de evaluatie uitgevoerd door de bureaus NovioConsult Van Spaendonck en CREM, in opdracht van het ministerie van LNV. Via een enquête zijn de ervaringen van maatschappelijke groeperingen en medewerkers van Nederlandse ambassades geïnventariseerd. De centrale vraag luidde: Hoe verhoudt de uitvoering zich tot de doelstellingen van het BBI? De conclusie was dat de algehele uitwerking van het programma meer aandacht behoeft.

De WEO blijft de huidige ontwikkelingen met betrekking tot implemtentatie en uitvoering van het Beleidsprogramma biodiversiteit 2008 - 2011 in de toekomst volgen en zal waar mogelijk, het beleid van constructief commentaar voorzien.