Rapport: ‘Duurzame productie en consumptie beter dan uitsluiting, voor duurzame vetten- en oliënsector’

Boycot op specifieke vetten en oliën (zoals palm olie of soja) zijn een te simpele oplossing voor een complex probleem, blijkt uit een nieuw rapport dat vandaag is gepubliceerd door het sector overschrijdende internationale initiatief de Edible Fats and Oils Collaboration.

Headerfoto door dulezidar van Getty Images Pro via Canva Pro

Het rapport is geschreven door de Edible Fats and Oils Collaboration, een initiatief van Forum for the Future dat zich richt op het versnellen van duurzame productie en consumptie van eetbare vetten en oliën. Tot de leden van het samenwerkingsverband behoren Volac Wilmar, M&S, Unilever, Upfield, en de NGO’s WWF-UK en IUCN NL.

Vergelijking van de belangrijkste oliën en vetten en hun effecten

Het rapport ‘Breaking down fats and oils’ report is een wereldprimeur: het analyseert alle belangrijke plantaardige oliën en dierlijke vetten die wereldwijd worden geconsumeerd als één systeem en vergelijkt hun effecten op milieu, mens en voeding. Het rapport stelt dat een diepgaande analyse nodig is om alle factoren die met elk ingrediënt samenhangen te kunnen beoordelen – zowel de positieve als de negatieve.

Heleen van den Hombergh, adviseur agrohandelsgewassen bij IUCN NL, was nauw betrokken bij de totstandkoming van het rapport. Zij zegt hierover: ‘De EU, overheden, financiële instellingen en bedrijven moeten allemaal rekening houden met de onderlinge verwevenheid van de eetbare oliegewassen op de wereldmarkt, en daarmee hun ecologische en sociale verbanden. Of het nou gaat om bossen en ecosystemen in Indonesië, in Latijns-Amerika of in Europa, we moeten ons richten op duurzame productie en verantwoorde consumptie in plaats van uitsluiting. Het probleem en de oplossing liggen beide niet bij één enkel gewas.’

Kernpunten van het verslag

Het rapport doet een beroep op de internationale voedingsindustrie om sociale – en milieurisico’s van oliën en vetten – en ook de daarmee samenhangende financiële risico’s – serieus te nemen en stappen te zetten in het verkleinen van deze negatieve impact. Het rapport benadrukt dat:

  • alle plantaardige oliën en dierlijke vetten zowel voor- als nadelen hebben. Focus op afzonderlijke gewassen en vervanging van de ene olie (bijvoorbeeld palmolie) door de andere kunnen onbedoelde negatieve gevolgen elders hebben;
  • de hele waardeketen van het voedselsysteem moet op hetzelfde doel gericht zijn: een groeiende bevolking voeden op een voedzame en rechtvaardige wijze die past binnen binnen de grenzen van onze planeet;
  • de vraag naar oliehoudende gewassen stijgt, grotendeels als gevolg van de aanhoudende groei van zowel de bevolking als diëten die een groter aandeel verwerkte voedingsmiddelen en dierlijke producten bevatten. Bedrijven moeten zich afvragen of de producten waarin zij vetten en oliën gebruiken, positieve voedingsresultaten opleveren, in plaats van problemen zoals obesitas en hart- en vaatziekten te verergeren;
  • miljoenen mensen over de hele wereld zijn voor hun levensonderhoud afhankelijk van de teelt van oliegewassen. Te veel van hen leven echter in armoede en werken onder extreem slechte omstandigheden;
  • de uitbreiding van de productie van oliegewassen naar bossen en andere natuurgebieden of inheemse voedselgronden heeft gevolgen voor inheemse volkeren en plaatselijke gemeenschappen die van hun land kunnen worden verdreven en hun bestaansmiddelen kunnen verliezen, alsmede biodiversiteit.

De klimaat- en biodiversiteitscrisis zal de druk op het systeem van vetten en oliën, de productie en de bestaansmiddelen nog opvoeren, met stijgende temperaturen, veranderingen in de beschikbaarheid van water en extreme weersomstandigheden. Om de uitdagingen het hoofd te bieden, zijn samenwerking en investeringen nodig voor duurzaamheid in de hele waardeketen en in hele landschappen, en een verantwoord niveau van de consumptie.