Millingerwaard@Marco-van-de-Burgwal -Staatsbosbeheer

Natuur laten meewerken maakt Nederland slimmer klimaatbestendig

Nederland kan zich slimmer voorbereiden op klimaatverandering als het de natuur laat meewerken, naast technische maatregelen. Dat staat in het rapport ‘Natuurlijk kan het slimmer’, waarmee het kennis- en innovatieprogramma NL2120 vandaag toekomstbeelden voor Nederland in 2120 presenteert. IUCN NL zat in het expertteam achter het rapport en bracht kennis in over biodiversiteit en Nature-based Solutions.

Nature-based Solutions

Oplossingen voor maatschappelijke problemen vanuit de kracht van de natuur worden Nature-based Solutions (NbS) genoemd. Deze oplossingen beschermen, beheren en herstellen ecosystemen zo dat ze de problemen oplossen tot voordeel van zowel mens als natuur. Krijgt een rivier bijvoorbeeld meer ruimte, dan daalt de waterstand bij hoogwater en ontstaat er plek voor riviernatuur en recreatie. Daarom zijn ze volgens het rapport vaak kosteneffectiever dan maatregelen met maar één doel.

Vijf landschappen, met ieder een eigen strategie

Er liggen volgens het rapport veel kansen om Nederland klimaatbestendig in te richten met natuurlijke oplossingen, waar nodig gecombineerd met technische maatregelen. Vijf kansrijke strategieën worden uitgewerkt:

  1. Meegroeien van kustlandschappen: langs de kust ontstaat een brede, natuurlijke overgangszone van duinen, kwelders, schorren en ondiepe wateren. Zand en slib kunnen hier neerslaan, waardoor het landschap letterlijk kan meegroeien met de stijgende zeespiegel. Zo ontstaat een natuurlijk ‘stootkussen’ dat golven afremt en de kust beschermt. Tegelijkertijd ontstaat nieuwe waardevolle deltanatuur. 
  2. Meer ruimte geven aan rivieren: rivieren kunnen weer vrijer stromen, met bredere, gevarieerde uiterwaarden en natuurlijke oevers. Zo ontstaat meer plek om hoogwater op te vangen, wordt verdere uitschuring van rivierbodems voorkomen en blijven rivieren ook in droge perioden langer bevaarbaar. Tegelijkertijd wordt de bijzondere riviernatuur versterkt. 
  3. Vernatten van veenweidegebieden: het waterpeil wordt omhoog gebracht, waardoor het veen weer natter wordt, minder snel oxideert en waar mogelijk zelfs weer aangroeit. Zo wordt CO2 vastgelegd en verdere bodemdaling, funderingsschade en broeikasgasuitstoot voorkomen. Tegelijkertijd ontstaan kansen voor nieuwe vormen van landbouw, van natte teelten tot melkveehouderij die passen bij een natter landschap. Zo maken we van een kwetsbaar veenweidegebied een landschap met een nieuw economisch perspectief. 
  4. Vergroten van de sponswerking in zandgebieden: er komt ruimte voor beekdalen om water weer op een natuurlijke wijze op te vangen, vast te houden en langzaam weer af te geven, op het niveau van het hele stroomgebied. Zo wordt het landschap beter bestand tegen zowel droogte als wateroverlast en komt er meer balans tussen het natuurlijke watersysteem én ruimte voor wonen, recreatie, drinkwater en voedselproductie. Daarmee blijven deze functies ook op de lange termijn mogelijk.
  5. Vergroenen van steden: natuur wordt teruggebracht in de stad, van groene daken en bomenrijen tot parken en groen-blauwe plekken. Zo vangt de stad meer regenwater op en biedt ze verkoeling tijdens hete en droge perioden. Er ontstaat ook een gezondere en prettigere leefomgeving voor miljoenen Nederlanders.

Wat Nature-based Solutions voor Nederland opleveren

Volgens het rapport brengen deze investeringen een klimaatbestendig Nederland in 2050 dichterbij en helpen bij het behalen van de Europese natuurdoelen. De waterkwaliteit verbetert met een waarde van zo’n 7,5 miljard euro en een betere leefomgeving levert zo’n 1,5 miljoen levensjaren gezondheidswinst op.

Nederland geeft jaarlijks zo’n 10 miljard euro uit aan waterbeheer en klimaatadaptatie, een bedrag dat gaat verdubbelen. De onderzoekers adviseren elke investering ook te laten bijdragen aan biodiversiteit en natuurherstel.

“De natuur is onze belangrijkste bondgenoot voor een veilige delta en zou onderdeel moeten uitmaken van elk goed technisch ontwerp,” zegt Bregje van Wesenbeeck, hoogleraar aan de TU Delft, wetenschappelijk directeur bij Deltares en initiatiefnemer van NL2120.

Om deze video te kunnen bekijken moet je ‘Sociale media en advertenties’-cookies accepteren. Klik hier om jouw cookie-instellingen te wijzigen.

De rol van IUCN NL

IUCN NL is sinds 2024 partner in het NL2120-consortium, dat tot 2033 loopt en wordt gefinancierd uit het Nationaal Groeifonds. We zetten onze ervaring met Nature-based Solutions in voor het samenbrengen van kennis en in de praktijk brengen van deze oplossingen.

Ook voor dit rapport brachten we kennis in over biodiversiteit en Nature-based Solutions. De IUCN-standaard is daarbij onze maatstaf: een natuurlijke oplossing voor een maatschappelijk probleem, die ook moet leiden tot nettowinst voor biodiversiteit en gezonde ecosystemen.

Meer informatie over NL2120 en de rol van IUCN NL in dit programma staat ook op onze NL2120-projectpagina.

Een startpunt, geen blauwdruk

Het rapport is een verkenning en eerste doorrekening. De onderzoekers nodigen overheden, boeren, ondernemers, natuurorganisaties en bewoners uit om naar aanleiding van het rapport samen een volgende stap te zetten.

Het rapport rekent met het warme klimaatscenario van het KNMI uit 2023 en vergelijkt de natuurlijke aanpak met voortzetting van het huidige beleid. Experts van onder andere Wageningen University & Research, Deltares, Sweco, WWF-NL en IUCN NL stelden het op. Achtergrondrapporten per landschap staan op NL2120 Oplossingen.